De waarde van een dagje klooien aan de Waal

William DijkmagazijnHet netwerk van organisaties waarbinnen hij zich beweegt mag weinig overzichtelijk zijn, zijn visie is eenvoudig te begrijpen. William van den Akker (56) van Het Dijkmagazijn Beuningen belichaamt het Buitendijkse Denken. Een man die het kinderen gunt te vertrouwen op hun eigen kracht. Het ‘ruige spelen’, daar gaat het hem om: leren incasseren, uiterlijkheden loslaten, grenzen verkennen, terug naar de essentie. Geholpen door 50 vrijwilligers lokt de enige vaste kracht van het Dijkmagazijn met een divers activiteitenaanbod mensen naar buiten - van jong tot oud. Waar kan dat beter dan in het ruige Waallandschap?

Heel precies schildert William het contrast tussen Binnendijks en Buitendijks denken. Twee totaal verschillende werelden, met het Dijkmagazijn daar tussenin, als een soort poort. Binnendijks moet alles leuk zijn, moet je ‘likes’ scoren en voldoen aan perfect/duur/veel/ver weg. Geregeld en afgepaald, bepaald door uiterlijkheden. Buitendijks ligt de ongeregelde wereld van het vreemde, het onbekende - ruig - met leegte.

William was een jongetje dat buitendijks opgroeide. “Ik mocht zo ver lopen als ik wilde. Ik zag soms dat mijn vader me volgde in de auto. Zo wist ik dat ik in de gaten werd gehouden, maar hij greep niet in”.Na zijn studies biologie en journalistiek en enkele banen zag hij twintig jaar geleden een vacature bij het pas opgerichte Dijkmagazijn. William twijfelde geen seconde. “Ha, er is daar lekker niks!” Een buitenkans: pionieren en zijn eigen baan creëren, met het geweldige Waallandschap als werkveld. “Zo dynamisch, terwijl het een rust ademt van eeuwen”. Die liefde, zijn visie en gedrevenheid vormen de grondtoon van zijn hele doen en laten. Hier geeft dat buitendijkse jongetje zijn leven door aan binnendijkse kinderen. Omdat hij zich zorgen maakt over de huidige generatie.

“De slogan ‘iedereen naar buiten lokken’ klinkt heel simpel, maar ik zie steeds meer hoe essentieel dat is”. Waaraan William dat afmeet? “Dat steeds meer kinderen niet weten hoe iets werkt - de meest praktische dingen - en dingen buiten eng vinden. Als ik hier zie hoe kinderen opgaan in zelf hutten bouwen, een fikkie stoken en hun eigen soep koken - die geweldig lekker vinden en nóg wat willen - dan voldoet dat aan een behoefte die vaak niet meer wordt ingevuld. Ik zie kinderen snijden met het scherp van een mesje aan de bovenkant en denk: dan heb je dus nog nooit zelf een mesje vastgehouden.”

“Kinderen raken steeds meer vervreemd van de buitenwereld. Ze hebben niet geleerd om buiten hun grenzen te verkennen, een keer nul op rekest te krijgen en daar overheen te stappen”. Hét recept voor een generatie zonder incasseringsvermogen, die imperfectie niet verdraagt. Met grote kans op burn-outs in het volwassen leven.“Binnendijks kun je al snel iemand anders de schuld geven als het niet meezit. De gemeente liet de losse stoeptegel liggen of Staatsbosbeheer haalde die laaghangende tak niet weg. Buitendijks kun je alleen naar jezelf wijzen. Dat doen kinderen dan ook. Zo leren ze hun eigen grenzen kennen."

William is duidelijk begaan. “Soms komen hier kinderen in prachtige witte kleertjes en die mogen dan niet meespelen… Een subtiele vorm van mishandeling waarover ik echt knorrig ben. Ik heb het idee dat kinderen heel veel wordt ontnomen”. Neem dat zevenjarige jongetje: overgelukkig omdat hij – nog nooit gezien - een kastanje mee naar huis mocht nemen. “Dat had hij dus in zeven jaar nog nóóit gehad, verschrikkelijk!”

Williams antwoord? Het ruige spelen in het Waallandschap. “Dat landschap is net draaiorgelmuziek: overdonderende noten met daaronder de leegte. Dat zit ook in het leven. Leer omgaan met die leegte: dat je niet altijd je zin krijgt, of succesvol hoeft te zijn, maar er gewoon bent en op eigen kracht het leven leeft.”

Hoe geef je Buitendijks Denken door? Met Waalwoemi’s bijvoorbeeld. Nee, woemi’s zijn geen schattige pluizige beestjes, maar woensdagmiddagen waarop kinderen in groepjes begeleid de uiterwaarden ingaan. Ouders mogen mee, graag zelfs! Doel: terug naar de essentie. “En dat is schrikbarend veel simpeler dan je denkt. Gewoon wat klooien aan de Waal en een fikkie stoken”. Niet betuttelen, opleggen en belerend zijn, maar kinderen hun gang laten gaan. “Eigenlijk rij je achter ze aan in de auto en grijpt niet in”.

Williams werk bestaat grotendeels uit het aansturen van vrijwilligers, netwerken, onderhandelen, subsidie binnenslepen en ambassadeurschap. Veel praten, regelen en administratie dus. Hij vindt dat leuk, omdat hij daarmee de buitenpost van het Buitendijkse Denken verder uitbouwt. Dus met veldwerk stoppen? Nóóit! Te leuk en te belangrijk! Trouwens, wat William anderen gunt, heeft hij zelf broodnodig: van tijd tot tijd de maalstroom uit en “pffff, èffe buitendijks!”

Beneden Leeuwen 24 augustus 2017

© Karin Swanenberg